0,1 tot 1 procent van de zonnepanelen die in Nederland en Vlaanderen geïnstalleerd wordt, voldoet niet aan de kwaliteitscriteria. Dat blijkt uit onderzoek van SolarTester.

De krantenartikelen over installateurs – groot of klein – die zonnepanelen van slechte kwaliteit moeten vervangen, zijn op 1 of 2 handen te tellen. Toch lopen zowel particuliere als zakelijke eindgebruikers een wezenlijk risico dat ze zonnepanelen van mindere of zelfs slechte kwaliteit aanschaffen.‘Zonnepanelen zijn in de basis heel goede producten’, opent Elbert Jan Achterberg van SolarTester het gesprek. ‘De meeste pv-modules die we testen zijn prima en voldoen aan de kwaliteitscriteria.’

Gevraagd naar het percentage zonnepanelen dat in de controles van SolarTester niet aan de kwaliteitscriteria blijkt te voldoen, heeft Achterberg een duidelijk antwoord. ‘Het is minder dan 1 procent, maar tegelijkertijd wel meer dan 0,1 procent. Het exacte getal bevindt zich in die bandbreedte. De problemen die we in de afgelopen jaren voorbij hebben zien komen, zijn van grote diversiteit. We hebben zonnepanelen gezien waarvan het opgegeven vermogen in de praktijk 10 procent lager bleek, maar ook zonnepanelen met een bovengemiddeld aantal microcracks.’

Minister Wiebes meldt dat de salderingsregeling voor zonnepanelen in haar huidige vorm verlengd wordt tot 2023. Vanaf dat jaar wordt het salderen tot 2031 stapsgewijs afgebouwd.

Minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat meldde de Tweede Kamer afgelopen januari nog dat de salderingsregeling gehandhaafd zou blijven tot ten minste 1 januari 2021. Op die datum zou een nieuwe regeling – de terugleversubsidie – van start moeten gaan. Afgelopen januari meldde de minister echter dat diverse partijen hem hadden gewezen op substantiële bezwaren tegen de invoering van de terugleversubsidie. Zo noemde Eneco de terugleversubsidie een administratieve draak en trok het energiebedrijf zijn steun voor de terugleversubsidie in. Met de keuze van minister Wiebes om de salderingsregeling te handhaven, is de invoering van de terugleversubsidie definitief van de baan.

Stapsgewijze afbouw salderingsregeling
De stapsgewijze afbouw van de salderingsregeling zorgt ervoor dat zonnepaneeleigenaren vanaf 2023 de opgewekte zonnestroom die wordt teruggeleverd aan het elektriciteitsnet niet meer voor 100 procent mogen verrekenen met de aangekochte elektriciteit. Waar dit nu nog wel het geval is, wordt de vergoeding voor de teruggeleverde zonnestroom vanaf 2023 opgesplitst in enerzijds een vergoeding voor de elektriciteit die betaald wordt door het energiebedrijf en anderzijds een vergoeding van de overheid voor de energiebelasting. De overheid  zal vanaf 2023 een steeds kleiner deel van de energiebelasting terugbetalen aan zonnepaneeleigenaren. De afbouw van de salderingsregeling geldt dus uitsluitend voor elektriciteit die aan het elektriciteitsnet wordt teruggeleverd en dus niet op het directe eigen verbruik achter de meter.

De nieuwe kleineondernemersregeling maakt teruggave van btw op zonnepanelen per 1 januari 2020 iets ingewikkelder. Bovendien komen er een aantal uitzonderingen bij.Dat stelt Romano Hagen (De Centrale BTW Teruggave).

De redactie van Solar Magazine publiceerde afgelopen week een vraaggesprek met Hagen over de belangrijkste wijzigingen die staatssecretaris Menno Snel heeft laten doorvoeren in de meestgestelde vragen (FAQ) en antwoorden over btw-heffing bij particulieren met zonnepanelen. De ondernemer riep daarbij installateurs op zich voor te bereiden op de komst van de nieuwe kleineondernemersregeling (KOR). ‘De nieuwe regeling is iets ingewikkelder dan de oude en er dient goed gelet te worden op de uitzonderingen’, stelt Hagen.

Overleg met Belastingdienst
In de voorbije periode heeft er overleg plaatsgevonden tussen de Belastingdienst en branchevereniging Holland Solar. Daarbij heeft de Belastingdienst volgens Hagen – die als lid van de commissie PV Klein van Holland Solar deelnam aan het overleg – een toelichting gegeven. Daarbij is er gelegenheid geweest voor het stellen van vragen. ‘Nog niet alle vragen kunnen momenteel (red. september 2019) worden beantwoord, maar er wordt een nieuw vraag- en antwoordenbesluit verwacht in november 2019. Hopelijk worden daarbij de laatste vragen beantwoord.’

Hoogte btw-teruggave gelijk
Het btw-bedrag dat eigenaren van zonnepanelen na de invoering van de nieuwe KOR kunnen terugvragen, blijft volgens Hagen gelijk. ‘De teruggave van btw op zonnepanelen verandert niet. Men kan nog steeds de volledige btw terugvragen en het forfait dient afgedragen te worden. De wetswijziging zit in de “ontheffing” die na de teruggave aangevraagd moet worden.’

Hagen legt uit dat er met ingang van 1 januari van het volgende kalenderjaar een beroep gedaan dient te worden op de nieuwe KOR 2020. ‘De nieuwe KOR kan niet eerder ingaan; althans in dat geval dient alle teruggevraagde btw op de zonnepanelen in datzelfde jaar ook weer terugbetaald te worden. Dat laatste is in algemene zin financieel niet aantrekkelijk. Een beroep op de nieuwe KOR is overigens mogelijk wanneer de omzet met de zonnepanelen minder is dan 20.000 euro.’

Van ontheffing naar vrijstelling
‘De huidige KOR is een zogenaamde ontheffing en de Nieuwe KOR 2020 wordt een vrijstelling’, vervolgt Hagen. ‘Het lijkt een klein verschil, maar heeft grote gevolgen. Door een beroep op de nieuwe KOR 2020 zullen de zonnepanelen met ingang van het opvolgende jaar vrijgesteld van de btw gebruikt gaan worden.’

Herzieningsperiode
In btw-land bestaat zoiets als de herzieningsperiode. Hagen vertelt dat de herzieningsperiode 4 jaar duurt na het jaar van aanschaf (red. deze periode geldt voor opdakzonnepanelen, voor indakzonnepanelen – oftewel bipv – is deze periode 9 jaar). Ieder vervolgjaar dient gekeken te worden of de zonnepanelen btw belast of vrijgesteld worden gebruikt. Onder de huidige regeling blijft het gebruik btw belast (maar ontheven). Onder de nieuwe KOR 2020 is het gebruik dus vrijgesteld.

‘Omdat de zonnepanelen na het jaar van aanschaf – fictief – vrijgesteld worden gebruikt (red. bij een beroep op de nieuwe KOR 2020) zal een deel van de btw op de factuur van de zonnepanelen terugbetaald moet worden. Het deel dat terugbetaald moet worden bedraagt 20 procent per (herzienings)jaar, met de aanvang na het jaar van aanschaf en dat gedurende 4 jaar. Belangrijk detail: er is ook een drempel van 500 euro. Indien de zonnepaneeleigenaar jaarlijks minder dan 500 euro btw terug dient te betalen, hoeft geen btw terugbetaald te worden. In het kort: wanneer de totale btw op de factuur lager is dan 2.500 euro hoeft er geen btw terugbetaald te worden.’

‘Lock-up’ bij uitbreiding zonnepanelensysteem
Om willekeurig in- en uittreden van btw-ondernemers in de nieuwe KOR te voorkomen, heeft de rijksoverheid een lock-up-periode van 3 jaar in het leven geroepen. ‘En deze periode werkt 2 kanten op’, stelt Hagen. ‘Indien de eigenaar in de lock-up-periode zijn zonnepanelensysteem wil uitbreiden, dan kan de btw op de uitbreiding niet teruggevraagd worden. Een uitzondering is een situatie waarbij er al vóór 1 januari 2020 btw op die extra zonnepanelen is teruggevraagd.

Omgekeerd geldt dat wanneer een zonnepaneeleigenaar na 1 januari 2020 afstand doet van de nieuwe KOR, kan er gedurende 3 jaar niet opnieuw een beroep op deze regeling worden gedaan. ‘Dit betekent dat gedurende 3 jaar over de opgewekte energie btw afgedragen dient te worden en dus zal een btw-administratie bijgehouden moeten worden. De btw-teruggave op een uitbreiding van een zonnepanelensysteem wordt daardoor minder interessant.’

Overgangsregeling
De Centrale BTW Teruggave heeft voor de installateurs die klant zijn bij het bedrijf inmiddels diverse hulpmiddelen gemaakt zodat de juiste vragen aan de klant worden gesteld. ‘Hiermee proberen we het extra werk dat de invoering van de nieuwe KOR met zich meebrengt bij de installateur weg te halen en fouten te voorkomen’, stelt Hagen. ‘Overigens is het belangrijk om te weten dat iedereen die in 2019 zonnepanelen heeft gekocht, ‘automatisch’ onder de nieuwe KOR gaat vallen. Indien de btw-teruggave in 2019 of eerdere kalenderjaren hoger was dan 2.500 euro, zal onder de Nieuwe KOR zeer waarschijnlijk geen terugbetaling plaats hoeven te vinden.’

Ten slotte is de Nieuwe KOR ook van toepassing op rechtspersonen zoals Verenigingen van Eigenaren (VvE’s), scholen en kerken. Hierover volgt later meer informatie.

De minister van Economische Zaken en Klimaat krijgt de opvolger van de salderingsregeling niet op tijd rond. Wiebes maakte dit afgelopen week bekend tijdens het Algemeen Overleg Klimaat en Energie. Hierdoor wordt de huidige salderingsregeling mogelijk verlengd tot 2021.

Dit betekent dat consumenten en bedrijven met een kleinverbruikersaansluiting (t/m 3×80 A), tot 2021 kunnen salderen. Het kabinet moet het “voorstel” van minister Wiebes nog wel goedkeuren.

Nieuwe regeling: terugleversubsidie

De nieuwe terugleversubsidie wordt door het Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) uitgevoerd. Kleinverbruikers kunnen hier de terugleversubsidie aanvragen. De subsidie wordt bovenop de vaste vergoeding uitgekeerd. De vaste terugleververgoeding spreekt de consument af met zijn energieleverancier. Naar verluid gaat de slimme meter een belangrijke rol spelen bij het uitvoeren van de nieuwe regeling.

Elektriciteitsmeter en Elektriciteitswet

De salderingsregeling is vastgelegd in de Elektriciteitswet (Art. 31C). Alle elektriciteitsmeters; analoge draaischijf, conventionele digitale en slimme digitale meters voldoen nu aan deze wet. Als de salderingsregeling wordt opgevolgd door een terugleversubsidie, zal ook de Elektriciteitswet wijzigen. Een consequentie hiervan is, dat de analoge draaischijfmeter dan niet meer aan de nieuwe wet voldoet en verplicht moet worden vervangen. Er wordt dan een digitale versie geplaatst, die de teruglevering apart kan registreren. Op deze manier ontvangt iedereen dezelfde vergoeding.

 

Per direct en uit voorraad leverbaar; SunPower MAXEON 3 390 en 400 Wp zonnepanelen. Het Maxeon 3 zonnepaal combineert hoogste efficiency, duurzaamheid en garantie in 1 product. Het SunPower Max 3, 390-400 Wp paneel is uitermate geschikt voor de residentiele markt. Door het hoge vermogen van deze zonnepanelen kunt u tot wel 60% meer energie uit uw dak halen. Uiteraard wil het oog ook wat, voor de strakke looks bieden we de SunPower MAXEON 3-375Wp Full Black aan, zie afbeelding van dit paneel hieronder. Meer weten over SunPower en een schepre offerte? neem direct contact met ons op! 

sunpower maxeon 3 375 wp full black zonnepaneel

 

Het zijn gouden tijden voor de eigenaren van zonnepanelen - zou je denken. Met de hoeveelheid zon van deze maand wekken tien zonnepanelen nu genoeg energie op om met een elektrische auto van Utrecht naar Rome én terug te rijden. Maar ze zouden nog veel meer opleveren als het niet zo heet zou zijn. Zonnepanelen werken namelijk minder goed in de hitte. Hoe zit dat?

Professor Wim Sinke van TNO legt uit: hoe warmer een zonnepaneel is, hoe minder goed het werkt. En op dagen als deze wordt zo'n paneel bloedheet: rond de 65 graden, 30 graden hoger dan de omgevingstemperatuur. Dat komt doordat er weinig wind is en de zon fel schijnt. Die hitte helpt niet mee: zonnepanelen leveren in dit weer per zon-uur 15 procent minder op dan wanneer de zon even fel zou schijnen in de winter, met een buitentemperatuur van rond het vriespunt. De zonnepaneelopbrengst is dus afhankelijk van de felheid van de zon en het aantal uren dat die schijnt en van de temperatuur. Maar omdat de zon zo veel vaker schijnt in de zomer, weegt het voordeel daarvan op tegen het nadeel van de hitte. Ondanks het feit dat zonnepanelen minder efficiënt zijn in de hitte, zorgt de zon in de maanden april tot en met juli namelijk voor de helft van de jaaropbrengst van een zonnepaneel. Er wordt in dit zonnige, warme weer dus wel veel elektriciteit opgewekt door de zon, maar net wat minder dan wanneer het zonnig en koel zou zijn. Toch is de opbrengst nog altijd veel groter dan wanneer het minder zonnig zou zijn. Met andere woorden: het voordeel van de extra zon is veel groter dan het nadeel van de warmte. 

Heeft het dan zin om bijvoorbeeld een bak ijskoud water over je zonnepanelen te gooien met dit weer? "Dat lijkt me zonde van het water", aldus Sinke. "En dat zou maar een heel tijdelijk effect hebben. Wat wel helpt is panelen zo te installeren dat er aan de achterkant natuurlijke ventilatie is die ervoor zorgt dat de warme lucht deels wordt afgevoerd en de paneeltemperatuur minder oploopt. Iets wat bij deze meeste systemen het geval is."

Het is overigens niet zo dat een zonnepaneel schade oploopt door de hitte. Ze doen het deze dagen gewoon wat rustiger aan.

 

Bron; NOS. vrijdag 27-juli-2018

 

 

Ruim de helft van de Nederlandse huishoudens heeft inmiddels een digitale energiemeter, bleek dinsdag uit onderzoek van Multiscope. Je mag een zogenoemde ‘slimme meter’ weigeren, maar dat recht eindigt in 2023 als je zonnepanelen hebt. Hoe zit dat precies?

Op grond van Europese afspraken moeten op 31 december 2020 in minstens 80 procent van de Nederlandse huishoudens de gas- en stroommeters vervangen zijn door slimme meters. Dat is een digitale meter die het stroom- en gasverbruik bijhoudt en doorgeeft aan de netbeheerder.

Slimme meter weigeren

Je mag een slimme meter weigeren. Volgens het onderzoek van Multiscope hebben meer dan een half miljoen huishoudens dat tot nu toe gedaan. Als reden(en) noemen weigeraars onder andere een gebrek aan toegevoegde waarde (22 procent), wantrouwen in de gemeten gegevens (21 procent), de salderingsregeling voor zonnepanelen (15 procent), privacy (9 procent) en verlies van controle (9 procent).

Wat de salderingsregeling voor zonnepanelen in dat rijtje doet? Als je op zomerse dagen stroom teruglevert aan het net, draait een ouderwetse draaischijfmeter als het ware terug, terwijl een slimme meter de resterende energie apart registreert. De energieleverancier kan dan berekenen wat je terugbetaald krijgt.

Dat verschil maakt momenteel nog niet niets uit: de salderingsregeling houdt in dat je de teruggeleverde stroom een-op-een kunt aftrekken van je eigen verbruik, tegen hetzelfde tarief inclusief belastingen.

Maar na 2022 wordt de salderingsregeling versoberd, en zou een terugdraaiende schijfmeter financieel voordeel opleveren ten opzichte van de slimme meter, die precies bijhoudt op welk deel van de opgewekte energie die versoberde regeling van toepassing is.

Minister Wiebes heeft de Tweede Kamer per brief geïnformeerd dat de salderingsregeling voor zonnepanelen vervangen wordt door een terugleversubsidie en de terugverdientijd blijft daarbij circa 7 jaar.

De terugleversubsidie is een vergoeding voor de stroom die aan het elektriciteitsnet is teruggeleverd. De opgewekte stroom zelf verbruiken blijft aantrekkelijk, omdat huishoudens en bedrijven hierover ook na 2020 geen energiebelasting en geen Opslag Duurzame Energie (ODE) betalen. In 2020 vervangt de regeling de huidige salderingsregeling, waarbij jaarlijks van tevoren een subsidieplafond wordt vastgesteld. Voor gebruikers van de salderingsregeling komt er een soepele overgang. Zou Wiebes de salderingsregeling niet vervangen, dan zou de terugverdientijd volgens de minister voor zonnepanelen in 2025 gedaald naar 4 jaar zijn gedaald en zou er daarmee overstimulering optreden.

 

 

Details van regeling deze zomer bekend
Omdat de terugleversubsidie is bedoeld om opwekkers van duurzame energie optimaal te faciliteren, komt er 1 loket bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl) waar huishoudens en bedrijven de terugleversubsidie kunnen aanvragen. Hoe de hoeveelheid teruggeleverde stroom gemeten wordt, en welke rol de slimme meter hierin heeft, wordt nog bekeken. De minister wil het voorstel voor de nieuwe terugleversubsidie deze zomer gereed hebben.

Uitgangspunten terugleversubsidie
In zijn kamerbrief heeft Wiebes in grote lijnen weergegeven hoe hij de terugleversubsidie wil vormgegeven:

  • De nieuwe subsidieregeling start in 2020 en zal jaarlijks worden opengesteld voor nieuwe aanvragen zolang de terugverdientijd voor zonnepanelen zonder stimulering nog ruim boven de 7 jaar ligt.
  • De subsidieregeling staat open voor burgers en bedrijven met een kleinverbruikersaansluiting die zelf geproduceerde hernieuwbare elektriciteit invoeden op het elektriciteitsnet. De regeling geldt dus ook voor andere hernieuwbare energiebronnen dan zonne-energie, bijvoorbeeld windenergie. 
  • De terugleversubsidie geldt vanaf 2020 ook voor burgers en bedrijven die al geïnvesteerd hebben in zonnepanelen en nu gebruikmaken van de salderingsregeling. Voor deze groep kan een soepele overgang worden vormgegeven.
  • De terugleversubsidie geldt uitsluitend voor de op het elektriciteitsnet ingevoede hernieuwbare elektriciteit en dus niet op het directe eigen verbruik achter de aansluiting. Over de zelf opgewekte hernieuwbare elektriciteit die burgers en bedrijven zelf direct verbruiken of opslaan achter de  aansluiting, betalen kleinverbruikers ook na 2020 geen energiebelasting en ODE. 
  • Bij het vaststellen van de hoogte van de subsidie ga ik uit van een terugverdientijd van gemiddeld circa 7 jaar voor een representatieve referentiecasus en de meest kostenefficiënte zonnepanelen die op de markt verkrijgbaar zijn. Het kabinet stelt de hoogte van de subsidie vast na consultatie met de markt.
  • Jaarlijks wordt van tevoren een subsidieplafond vastgesteld en van dekking voorzien binnen de begroting van het ministerie van Economische Zaken & Klimaat. Hierbij wil het kabinet de regeling kosteneffectief inrichten om overstimulering te voorkomen.
  • Uitgangspunt voor de uitvoering van de terugleversubsidie is om consumenten optimaal te faciliteren. Dat betekent dat er 1 loket komt bij Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (hierna: RVO) waar kleinverbruikers een beschikking voor een terugleversubsidie kunnen aanvragen. De uitbetaling van de terugleversubsidie vindt plaats door de energieleveranciers via de energienota om de verrekening zo eenvoudig mogelijk te maken voor consumenten. 

Wiebes: 6 gigawattpiek in 2030 via huishoudens
Wiebes schrijft in de kamerbrief te verwachten dat er naar verwachting in 2030 meer dan 6 gigawattpiek aan zonnepanelen bij huishoudens zal worden gerealiseerd. Dat betekent dat volgens de minister te zijner tijd zo’n 1,5 tot 2 miljoen huishoudens zelf elektriciteit opwekken met behulp van zonnepanelen.

3 redenen voor keuze van terugleversubsidie
Wiebes meldt dat er 3 overwegingen zijn waarom hij de voorkeur geeft aan een terugleversubsidie boven een investeringssubsidie:

  • De terugleversubsidie geeft de beste stimulans om te zorgen dat de zonnepanelen optimaal (blijven) produceren.
  • In tegenstelling tot een investeringssubsidie kan bij een terugleversubsidie een soepele overgang worden vormgegeven voor burgers en bedrijven die al geïnvesteerd hebben in zonnepanelen. De investeringskosten voor zonnepanelen waren in het verleden aanzienlijk hoger dan nu. Daardoor zijn sommige bestaande productie-installaties nog niet terugverdiend. 
  • Uit gesprekken met partijen en 2 brede stakeholdersbijeenkomsten blijkt dat de terugleversubsidie het grootste draagvlak geniet bij de betrokken partijen waaronder de Nederlandse Vereniging voor Duurzame Energie (NVDE), Holland Solar, de Consumentenbond en Vereniging Eigen Huis onder andere omdat deze variant zorgt voor een geleidelijke overgang vanuit salderen en de vermeende nadelige effecten van een  investeringssubsidie op de markt zoals stop-en-go-effecten beter kunnen worden voorkomen. 

In de zomer zal minister Wieebs de Tweede Kamer infomeren over de nadere vormgeving van de terugleversubsidie en welke wetswijzigingen nodig zijn om de terugleversubsidie in 2020 in te voeren. 

 

Panasonic heeft op de vakbeurs Intersolar Europe in München een nieuw energiemanagementsysteem geïntroduceerd.

Met het Home Energy Management System (HEMS) kan volgens het bedrijf energie worden bespaard en comfort en veiligheid in woningen worden vergroot. Door het HEMS te combineren met de onlangs geïntroduceerde nieuwe generatie HIT-zonnepanelen en een Panasonic lucht/water-warmtepomp kunnen huiseigenaren toegroeien naar een energieneutrale woning. Het Home Energy Management System (HEMS) van Panasonic is al geruime tijd in gebruik in Japan. Op Intersolar Europe 2019 is de voor Europa aangepaste versie geïntroduceerd.

 

Het eerste kwartaal van 2018 was volgens Essent een goed kwartaal voor zonnepanelen. De opbrengst over de eerste 3 maanden van 2018 lag ruim 20 procent hoger dan het langjarig gemiddelde.

De maand februari telde 159 zonuren en had volgens Essent de hoogste opbrengst in jaren. Januari was daarentegen een donkere maand met slechts 47 zonuren. Daarmee lag de opbrengst van zonnepanelen in deze maand licht lager dan het langjarig gemiddelde. De maand maart 2018 lag in lijn met het gemiddelde.

Dat het eerste kwartaal van 2018 een zonnig kwartaal was, wordt bevestigd door het aantal zonuren in De Bilt. Deze bedroegen in februari bijna het dubbele van het langjarig gemiddelde. ‘Ook de globale instraling, een nog betere indicator voor de uiteindelijke opbrengst van een paneel, lag bijna 50 procent hoger dan het langjarig gemiddelde van deze maand’, aldus Essent.

 

SCROLL TO TOP